Norfolk Terriër Kennel

of Anglian Heights

Home

In het kort de geschiedenis van de Norfolk Terriër:

De Norfolk Terriër is een kleine, dappere hond, die oorspronkelijk gefokt is voor de jacht onder de grond op dassen en vossen. Dit jachtkarakter is nog steeds terug te vinden in de Norfolk. Ze zijn dol op het graven van kuilen en vangen, als ze de kans krijgen, graag een muis of een rat. Norfolks zijn beweeglijke, nieuwsgierige en zelfstandige hondjes en ze zijn dol op wandelen.

De Norfolk is de kleinste kortbenig terriër (ongeveer 26 cm schouderhoogte). Het is een compacte, vierkante hond met een korte, sterke rug en zware botten. Het hoofd is breed van schedel met een korte, brede neusrug en een scharend gebit met grote tanden en kiezen. De ogen zijn ovaal gevormd, donker met een alerte uitdrukking. De staart is hoog aangezet en wordt rechtop gedragen. Het gangwerk is krachtig, uitgrijpend en soepel. De vacht is hard, draadharig en recht, vlak op het lichaam liggend. Het haar is langer en ruwer op de hals en schouders en zacht op het hoofd, de oren en de snuit, met uitzondering van  wenkbrauwen en baard. De vacht komt in een aantal variaties voor. Verschillende tinten rood, tarwekleurig en black and tan (rood met zwart). Om de vacht in goede conditie te houden, moet deze regelmatig worden geborsteld en ca. twee keer per jaar worden geplukt.